Fedde Schurer & Kneppelfreed

Gepubliceerd op 19 april 2019
Fedde Schurer & Kneppelfreed

Het is al weer een aantal jaar geleden dat onze koning ingehuldigd werd. Om precies te zijn was het op 30 april 2013. Tijdens deze inhuldiging zwoeren de leden van de eerste en tweede kamer trouw aan de koning. Normaal gesproken moest men dit zweren door “dat beloof ik” te zeggen. Er was één iemand die dit niet zei. Lutz Jacobi zei “dat unthjit ik”. De in Katlijk geboren Friezin bracht de Friese taal opzienbarend naar voren in een officiële gebeurtenis. Door de mensen die de Friese taal niet machtig waren werd er nogal verward gereageerd. Er ontstonden de nodige vragen rondom het hele voorval, maar de wijze waarop Jacobi haar eed had gezworen werd geaccepteerd.

62 jaar voor deze gebeurtenis was men niet zo open over het gebruik van het Fries tijdens officiële gelegenheden. In het jaar 1951 moest de Friese veearts F.S. Van den Burg zichzelf verdedigen voor het kantongerecht in Heerenveen. Het ging hierbij om een openstaande verkeersboete. Van den Burg wilde voor zijn eigen verdediging zorgen en deed dit ook op zijn eigen manier. Hij deed dit namelijk in het Fries. Het Fries was in die periode niet een gangbare taal voor de officiële instanties. Het werd vaak gezien als de taal van de “gewone man”. De manier waarop de veearts zichzelf verdedigde accepteerde de kantonrechter Mr. Wolthers dan ook niet. Hij eiste dat de verdediging door Van den Burg in het Nederlands werd gedaan. Dit allemaal trok de aandacht van de Friese schrijver Fedde Schurer.

Fedde Schurer was op dat moment hoofdredacteur van de Heerenveense Koerier (één van de voorlopers van de Leeuwarder Courant). Schurer stond daarnaast ook bekend als pacifist, politicus en dichter. Voor de Friese bevolking was hij een vooraanstaand man wat betreft de Friese cultuur. Schurer vond de hele situatie rondom de rechtszaak van Van Den Burg zorgwekkend en reageerde hier op aan de hand van een artikel in de Heerenveense Koerier. Het artikel droeg de titel “De laatste man van de Zwarte Hoop?”. Hierin uitte Schurer zijn verontwaardiging en teleurstelling over de zaak tegen de veearts bij het kantongerecht in Heerenveen. Met de titel doelde Schurer op de kantonrechter Mr. Wolthers als de laatste man van de Zwarte Hoop. Dit was nogal een grove belediging aan het adres van de heer Wolthers. De Zwarte Hoop is een verwijzing naar een groep plunderaars en criminelen die in de vijftiende en zestiende eeuw het Friese land teisterde. Logischerwijs werd dit artikel niet als een compliment opgevat door zowel Mr. Wolthers als de Nederlandse rechterlijke macht. Het gevolg was dan ook een rechtszaak die op vrijdag 16 november 1951 tegen Fedde Schurer werd aangespannen.

Deze rechtszaak trok flink wat aandacht, met name omdat het hier ging om dè bekende schrijver Fedde Schurer. Mede hierdoor werd het ook gezien als een aanval van het Nederlandse rechtssysteem op de Friese cultuur. De zitting volgde in één van de kleinere zalen van de rechtbank in Leeuwarden. Dit werd als een steek richting de Friese beweging ervaren. Omdat er niet genoeg plaats was in de zaal vormde er zich voor het gerechtsgebouw een enorme menigte. Door een samenloop van omstandigheden werd de groep demonstranten steeds groter. Zo was er markt op het Zaailand voor het gerechtsgebouw en sloten de scholieren van de Rijk HBS zich ook aan bij de menigte. Wat als een vredige demonstratie begon, veranderde met name door een foute inschatting van de politie in een agressieve gewaarwording. De politie begon de menigte van het plein te verdrijven met behulp van knuppels en waterkannonnen. Vandaar de naam “Kneppelfreed” (Knuppelvrijdag).

Het was een moment dat voor veel verontwaardiging zorgde voor zowel binnen als buiten Friesland. Schurer werd veroordeeld tot 14 dagen voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd van 3 jaar plus een boete van 150 gulden. Na de zitting bleven de spanningen nog een aantal jaren bestaan tussen het Nederlandse gezag en de Friese Beweging. De Friese beweging kreeg veel steun van de Haagse politieke en uiteindelijk werd in 1956 het recht om Fries te spreken in de rechtszaal officieel bevestigd. We kunnen wel stellen dat de heer Fedde Schurer het nodige teweeg heeft gebracht voor de Friese taal!

In de pronkkeamer: Jan Huitema

In de pronkkeamer: Jan Huitema

Van 3 tot 31 juli 2019 toont Jan Huitema werk in Museum Heerenveen. De natuur is zijn grote inspiratiebron. Zijn schilderijen en foto’s geven zijn verwondering weer en bewondering voor de scheppende k... Lees meer

Ed Dukkers – Restvormen

Ed Dukkers – Restvormen

Het schilder- en tekentalent van Ed Dukkers (1923-1996) werd na de oorlog door Nederlandse musea snel opgemerkt. De opmars van Cobra en de abstracte schilderkunst maakte echter dat de belangstelling v... Lees meer

Museum zoekt Domela

Museum zoekt Domela

Op 18 november 2019 is het precies 100 jaar geleden dat Ferdinand Domela Nieuwenhuis is overleden. Het museum heeft dit feit aangegrepen voor een feestelijke tentoonstelling. Voor deze tentoonstelling... Lees meer

Actueel
Doelgroepen

Vrienden van het Museum Heerenveen:

Word ook vriend

Pronkkeamer

Pronkkeamer

Elke maand een nieuwe verrassing in de Pronkkeamer van Heerenveen. Loop gerust even binnen, gratis entree!

Historisch documentatie centrum

biblio

Onderzoek je geschiedenis in het Historisch documentatie centrum van Heerenveen.

Word ook Vriend

Vrienden

Steun ons museum en word Vriend en steun het verhaal van Heerenveen!

Achtergrond